25% zomerkorting en nu boeken en toch flexibel blijven Bekijk onze acties
Sluiten

Ursula uit Duitsland maakte met haar man en twee vrienden de Sail & Bike Waddenzee-reis. Het was een natte reis, met veel zonnige hoogtepunten:

Zaterdag– het vertrek


“We stonden om 6.30 uur op en vertrokken om 7.30 uur met onze fietsen naar Viersen. Na het oversteken van de Niers begon het te regenen. We hadden vrijdag heel intensief gezocht naar mijn regenbroek en konden ‘m niet vinden. Dus we waren op weg met alleen regenjassen. Kort voor aankomst in Viersen stopte de regen. We wachtten op spoor 3 op onze trein naar Venlo, die om 8.33 uur vertrok.

In Venlo stapten we over op de trein naar Utrecht Centraal. De zon scheen weer vanaf Eindhoven. In Utrecht hoefden we niet van perron te wisselen, omdat de trein naar Enkhuizen op hetzelfde spoor aankwam. We konden zelfs een trein eerder nemen, om zo een half uur vroeger in Enkhuizen aan te komen. We hadden zo alle tijd om onze proviand op te eten. Om 12.52 uur arriveerde de trein in Enkhuizen en we liepen over het perron richting de haven. Hier werden we opgewacht door twee zwaaiende mensen die ons met vreugde begroetten: onze vrienden Antje en Fritz! Zij haalden ons op en begeleidden ons naar het zeilschip, Leafde fan Fryslân.

We waren verbaasd over de grootte van het schip en de zeer hoge masten. We konden onze bagage op het dek zetten en de fietsen in de rij neerzetten naast de andere tweewielers die er al voor geparkeerd stonden. Omdat we niet voor 14.00 uur aan boord konden komen, gingen we terug naar het centrum. Hier aten we onze eerste lekkere frietjes en gebakken garnalen aan het IJsselmeer.

Daarna terug naar het schip om in te checken en onze tassen naar de hutten brengen. Antje en Fritz kregen hut 3 en wij kregen hut 5. We pakten onze bagage uit en spraken af om om 15.00 uur voor het schip samen te komen om Enkhuizen te verkennen. Alleen al de haven was erg interessant en ik maakte er een aantal filmfragmenten. Ook de architectuur van de huizen was bijzonder en dit resulteerde in zeer mooie plaatjes. Het eerste hoogtepunt was de grote dikke toren, de Dromedaris.

De Dromedaris is het beroemdste gebouw van Enkhuizen. De poort diende lange tijd als defensie en beschermde de ingang van de haven. Het gebouw, dat dateert uit 1540, bevatte schietgaten die bedoeld waren om de haven te bewaken. Tegenwoordig is er een café in het gebouw.

We namen een kijkje in het centrum van de stad en vertelden over onze poging om mijn regenbroek thuis te vinden. We ontdekten een fietswinkel, maar helaas verkochten ze er geen regenkleding. Fritz gaf niet op. We kregen van de verkoopster de tip voor een andere winkel, dus ging de zoektocht verder. De kerk die we wilden bezoeken was toch gesloten. Tegenover een andere kerk, de Zuiderkerk met een vloer die bestond uit oude grafstenen, niet ver ervandaan hadden we geluk: de HEMA verkocht regenpakken! Laat de regen maar komen…

We gingen terug naar het schip, waar we werden opgewacht door de bemanning, die door de kapitein in het Nederlands en ‘hobbelig’ Duits aan ons werd voorgesteld. Aan boord waren drie Belgen, vier Nederlanders en negentien Duitsers. En daarbij kapitein Matthijs, schipper Leon, gastheer Vincent en kok Anita. Het diner werd om 18.00 uur geserveerd aan alle deelnemers: een verdeling in twee groepen bleek niet haalbaar. Gezien het redelijk geringe aantal gasten bleek dit goed te gaan. Na een tijdje napraten, zijn we naar onze hutten gegaan. Rond twee uur ’s nachts werden we wakker, omdat we voetstappen boven aan dek hoorden en het ook hevig regende.

Pas de volgende ochtend bij het ontbijt hoorden we dat er 8 tot 10 cm water in de achterste hutten was doorgedrongen. Antje en Fritz waren ook wakker geworden en stonden met hun voeten in het water. De bemanning heeft de hele nacht geprobeerd de hutten droog te krijgen met waterzuigers. Het water werd door de afvoer van de douches omhoog geduwd. Slapen was geen optie meer.

De kapitein verontschuldigde zich voor het ongemak en zei dat ze de hutten niet in korte tijd zouden kunnen drogen. Alle hutten in dit deel van het schip werden getroffen. De vloer werd bedekt met handdoeken, die steeds opnieuw moesten worden verschoond. Antje en Fritz bleven er rustig onder en bewonderden de bemanning, die bleef proberen de vloer in de hutten droog te krijgen. Pas na enkele dagen bleken zij succesvol.

Zondag- 39,5 km van Enkhuizen naar Medemblik tijdens een regenachtige dag

 

We gingen om 8.00 uur ontbijten en bereidden ons voor op de komende fietstocht van Enkhuizen naar Medemblik. Alle fietsen stonden voor het schip en waren met dikke touwen aan elkaar geknoopt. We hadden het al verwacht: het begon te regenen en dus konden we onze nieuwe regenkleding aantrekken. We kwamen maar tot aan de toeristische informatie waar we onderdak hebben gezocht.

Toen de regen ophield, reden we door Enkhuizen en merkten we dat er aan de andere kant van de stad een veel groter havengebied was voor kleinere boten. We reden door mooie dorpjes, steeds langs het water. We zagen de donkere wolken al dichterbij komen. In Wervershoof merkte Antje dat de broek van Fritz was afgezakt. Hij had het nog niet eens gemerkt! We zijn gestopt en konden het niet helpen dat we moesten lachen! De broek werd opgehesen en we reden door.

We reden door het Twiske, een monumentaal gebied met veel prachtig gerestaureerde stolpboerderijen, historische huizen en kerken. Niets van deze boerderijen werd door de modernisering aangetast, zodat wij ons een beeld konden vormen van de leefomgeving van die tijd. Steeds weer werden we doorweekt door de vele regenbuien. Op een minicamping konden we schuilen in een schuur. Twee grote honden en twee paarden verwelkomden ons. Na nog eens 6 kilometer maakten we de volgende stop in Opperdoes.

Hier stopten we niet lang, maar reden verder door de regen omdat we op tijd het schip moesten zien te bereiken. We passeerden Medemblik en reden direct naar de haven waar ons schip voor anker lag. De kapitein en de matroos pakten onze fietsen aan en zetten ze aan boord. In de hut trokken we onze natte kleren uit. Ik was behoorlijk bevroren en nam een heerlijk warme douche. Toen ik terug aan dek kwam, vroeg de schipper of ik wilde helpen. Omdat het weer regende, zei ik nee. Bovendien, ik kwam net onder de douche vandaan! Ondertussen was een aantal anderen begonnen met het hijsen van de zeilen.

Op de motor voeren we door een sluis van de maar liefst 32 km lange Afsluitdijk. Dit belangrijkste bouwwerk van de Zuiderzeewerken zorgde voor landaanwinning en kustbescherming: het veranderde de Zuidersee in het IJsselmeer. De westelijke kant bevindt zich bij Den Oever en de oostelijke kant ligt aan Zürich, nabij Harlingen. De bouw ervan werd voltooid in 1932 en leverde twee grote getijdenbarrières om het instromende zoete water af te voeren. Een snelweg en een fiets- en voetpad lopen over de dijk. Wanneer schepen door de sluizen varen, moeten de draaibruggen worden geopend en wordt al het autoverkeer op de Afsluitdijk gestopt door slagbomen.

We vonden het geweldig om de haven van Oudeschild en de historische museummolen te zien. Het schip ging voor anker bij Texel. Na het diner maakten we een wandeling en lieten we Antje en Fritz de kleine haven van Oudeschild zien. Om aan wal te komen, moesten we twee andere schepen oversteken via smalle loopplanken. Voorzichtig!

Maandag – 49 km gefietst op Texel – Zonnig met een beetje bewolking

Na het ontbijt gingen we van boord en verlieten we de haven op weg naar Den Burg. Günther stelde voor de route iets aan te passen. We waren vrij snel in Den Burg en vonden hier de wekelijkse markt. Dus met de fietsen aan de hand verder. We kwamen bij een fotowinkel, waar sfeervolle foto’s van het eiland te zien waren. Ook zagen we tussen de huizen de Candy King, een snoepwinkel. Ik ging naar binnen en kocht een grote zak met mijn favoriete pepermunt snoepjes.

We verlieten Den Burg en fietsten door naar Den Hoorn. De kleine protestantse kerk was voor ons al een bekend hoogtepunt. We fietsten verder door het Nationaal Park Duinen van Texel en door een dennenbos. We stopten we bij de Catharinahoeve, een drukbezocht pannenkoekenhuis met een grote open haard in het midden van het restaurant. Natuurlijk hebben we pannenkoeken gegeten! Ieder van ons koos voor andere ingrediënten.

Even verderop lieten we Antje en Fritz bungalowpark Gortersmient zien, waar we vroeger vaak onze vakanties doorbrachten. Günther vroeg na of er in april 2021 nog huizen beschikbaar waren en kreeg vijf mogelijkheden. We wilden daar thuis in alle rust over nadenken. We reden verder door het bos en bereikten al snel Eco Mare, de zeehondenopvang. Fritz en Antje wilden het strand zien, dus reden we door. We parkeerden onze fietsen tegenover strandpaviljoen Paal 17, waar een lang geasfalteerd pad was aangelegd dat bijna tot aan het water reikte. Zo hoefden we nauwelijks over het zand te lopen. Het strand werd vooral bezocht door gezinnen, allemaal op voldoende afstand van elkaar. Fritz ging volledig gekleed languit op zijn rug in het zachte zand liggen.

We genoten van een paar zonnestralen en reden via De Koog verder naar De Slufter. Het restaurant was druk, maar toch vond Antje voor ons een tafel voor vier. We bestelden ijs met fruit en ik bestelde een kop warme chocolademelk. Daarna beklommen we de trappen en keken uit over het beroemdste natuurgebied van Texel. Dit grote kweldergebied ligt tussen twee hoge zandduinen en het bijzondere is, dat doordat het aan de Noordzeekust ligt, er zout water het gebied in stroomt. Tijdens een noordwestelijke storm staat het er zelfs helemaal vol met water. Hier groeien dus alleen planten die zout water kunnen verdragen. In de zomer kleurt het er paars van de bloeiende planten. Er broeden eidereenden en veldleeuweriken.

We fietsten terug naar het schip. Eerst met zijwind mee en toen een zeer vermoeiende tegenwind. We moesten flink terugschakelen om het gevecht met de wind enigszins te overleven. We bereikten ons schip in de haven en parkeerden onze fietsen ervoor. Een paar vriendelijke zeilers zouden ze later over de drie loopplanken dragen.

Vandaag hoorden we regelmatig de Arminia-hymne, de beltoon van Günthers mobiele telefoon. Ik wist het natuurlijk, maar Antje en Fritz niet: Günther was vandaag jarig! Na het diner verscheen de kokkin terwijl ze Happy Birthday zong en met een stralende glimlach voor Günther een taart met acht brandende kaarsjes neerzette. Hij was enorm verrast en blies de kaarsen uit, gevolgd door applaus van alle andere gasten. Helaas kon niemand hem de hand schudden, maar het was er niet minder feestelijk om. Onze avond eindigde met champagne en jenever. De kapitein, de kok en twee matrozen namen ook plaats aan onze tafel. Het was een leuke avond.

Dinsdag- vaartocht naar Terschelling, 18 graden, bewolkt, maar geen regen

 

We vertrokken om 9.00 uur, en hebben een geplande aankomst om 15.30 uur. Vandaag werden de zeilen gehesen! We steken de Waddenzee met zijn vele zandbanken over. De exacte route en duur van de tocht zijn afhankelijk van wind en getijdenstroom.

Terschelling is een 30 km lang eiland. Vanaf de aanlegplaats gaan we West-Terschelling in. Op aanraden van de kapitein zoeken we eerst een restaurant om een tafel te reserveren. Tijdens de wandeling erheen zagen Fritz en ik een omheinde plek met veel verschillende kleurrijke boeien. En daarvoor nog enkele zeer oude en verroeste schroeven en ankers. We eten in restaurant Flaman, dat zich direct naast de 400 jaar oude vuurtoren bevindt.

De indrukwekkende Brandaris dateert uit 1594, het jaar waarin Willem Barentz aan zijn eerste reis begon. De vuurtoren is 52,2 meter hoog en wordt door de eilandbewoners meestal de Toren genoemd. De Brandaris is de oudste nog werkende vuurtoren van Nederland. De eerste brandweerkazerne op Terschelling dateert van 1323 en was de voorloper van de Brandaris, die in 1594 zijn huidige vorm aannam. De naam is een verwijzing naar St. Brandarius, een heilige naar wie de gemeente West Terschelling in de Middeleeuwen is vernoemd. Volgens een andere legende is de naam te herleiden naar St. Brendan, een zeeman, maar dit is niet bewezen.

De eerste toren werd in 1323 gebouwd om schepen op weg naar Amsterdam over de Zuiderzee, door de nauwe opening tussen Vlieland en Terschelling te leiden. Een goede markering was nodig omdat veel eilanden in de Noordzee erg op elkaar lijken. Rond 1570 overstroomde de zee Terschelling en de eerste vuurtoren volledig en de toren werd volledig verwoest. In 1592 werd begonnen met de bouw van een nieuwe toren, maar deze stortte in voordat hij klaar was, omdat er slechte bouwmaterialen waren gebruikt.

De huidige toren dateert uit 1594. In 1837 was de Brandaris de eerste vuurtoren in Nederland die werd uitgerust met een roterende Fresnel-lens. De elektrificatie daarvan vond plaats in 1907. In 1994 werd het 400-jarig bestaan van de toren gevierd. Vandaag de dag wordt het licht van de toren volledig automatisch gestuurd. De vuurtorenwachter heeft een panoramisch uitzicht en heeft al van menig kitesurfer, die in de sterke stroming terechtkwam, het leven gered. De vuurtoren heeft speciale verlichting om te voorkomen dat er vogels binnenvliegen. Op de eerste verdieping bevindt zich een officiële trouwlocatie. Deze plek is alleen toegankelijk via een stenen wenteltrap. Fijn, in je trouwjurk!

Woensdag– over Terschelling, de ‘Parel van de Waddenzee’ – 17 graden, regenachtig met wind

Terschelling wordt ook wel het fietseiland genoemd, vanwege de 70 kilometer aan fietspaden op het eiland. Vanuit de haven, leidde bij Dellewal de weg ons naar het binnenland. We passeerden onder andere Halfweg, Baaiduinen en bereikten Midsland. In Formerum stopten we bij de Koffiemolen, een aangenaam café in een authentieke molen. Vanaf hier reden we naar de Waddenzee, waar het tij laag stond.

Met wind in de rug reden we over de dijk zo’n 6 km naar het meest oostelijke punt van onze fietstocht. Helaas moesten we met zware regenval en tegenwind terug naar Oosterend, waar vandaan de route ons naar een prachtig groot duingebied leidde. De zuidelijke hellingen van de Terschellingse duinen hebben een echt woestijnklimaat. Er zijn hier vele soorten landschappen: strand, bos, duinen, heidepolders, wad (moerassen) – en zoet water. Het eiland heeft de grootste verscheidenheid aan vogels en vlinders en zelfs nieuwe soorten orchideeën die hier groeien. Het was erg indrukwekkend ondanks de zware regenval en het fietspad was best heuvelachtig.

Daarna bereikten we het Hoornse bos, een groot bosgebied. We fietsten door prachtige bomenlanen naar het stadje Hoorn. Daarna gingen we over een brede grindweg, de Duinweg via Midsland weer terug naar het stadje West aan Zee. We hadden eigenlijk willen doorrijden naar het natuurgebied De Boschplaat, dat wordt gekenmerkt door heidevelden, kwelders, stranden en duinen, waar we met een beetje geluk veel eenden, steltlopers, grote kolonies lepelaars en grote mantelmeeuwen hadden gezien. Maar helaas niet in dit weer.

Na een rit van 36 kilometer bereikten we de meest westelijke punt van West-Terschelling. Na een korte fotostop reden we de laatste kilometer naar de aanlegsteiger van ons schip. Vanaf hier vertrekken we om 16.00 uur naar Harlingen, waar we om 20.00 uur aankomen. Vanaf het middaguur stopte het gelukkig met regenen en de wind werd sterker, dus de kapitein liet de zeilen weer hijsen. In de haven van Harlingen werden we verrast met een mooie, dromerige zonsondergang.

Donderdag– via Harlingen naar Makkum – eerst zonneschijn, dan gedeeltelijk bewolkt, weinig wind en aangename temperatuur

 

Zoals gewoonlijk begonnen we met het ontbijt, maar vandaag nam Anita afscheid. Dit deed ze met een ontbijtpannenkoekje, waarover iedereen enthousiast was, maar natuurlijk was het wel erg jammer dat ze weggaat omdat ze een andere baan heeft.

We fietsten door kleine dorpjes en langs boerderijen. Franeker is een van de elf steden van de bekende schaatstocht. Jammer genoeg passeerden we het stadhuis van Franeker niet, wat een bezoek zeker waard was. Het landschap was mooi, uitgestrekt en bezaaid met pittoreske dorpjes. Omdat er onderweg wegwerkzaamheden waren, moesten we in Dongjum omrijden. De weg leidde ons langs goed onderhouden volkstuinen met prachtige tuinhuizen.

We reden door naar Arum, een heuvelachtig dorp. Veel van de dorpen uit deze regio zijn gebouwd op heuvels om ze te beschermen tegen overstromingen. We passeerden we het dorpje Pingjum, waar we in de plaatselijke pizzeria wilden lunchen. Maar helaas, die was gesloten, dus het werd een lunchpauze op een bankje. We fietsten de resterende 11 kilometer door naar het schip, dat in Makkum voor anker lag. We gaven onze fietsen af, dronken wat en maakten een wandeling door het stadje.

Hierbij passeerden we de sluis bij de ingang van de haven, bewonderden we de mooi vormgegeven huizen en vonden vervolgens een café waar we appeltaart aten met koffie en chocolademelk. Daarna keerden we terug naar het schip en keken naar de afhandeling van de ophaalbrug en het sluissysteem. De sluiswachter stak een stok uit waaraan een klompje was bevestigd waarin de bemanning het sluisgeld van €5 kon stoppen. Daarna mochten de schepen verder varen.

Terug op het schip gingen we aan dek in de zon zitten en genoten van het uitzicht op de haven. Ondertussen was de nieuwe kok gearriveerd. Hij verraste ons met een kleine snack, als welkom uit de keuken. Rond 18.00 uur gingen we naar de eetzaal, waar onze nieuwe kok, Raoul, werd voorgesteld door de kapitein. Het diner was een beetje anders: vegetarisch, couscous met verschillende groenten. Günther nam foto’s van wederom een fantastische zonsondergang.

Vrijdag– van Makkum via Workum naar Stavoren – bewolkt, af en toe zon, weinig wind, 17 graden

 

Vandaag was de laatste fietstocht van Makkum via Workum naar Stavoren. We zagen ‘m al van verre: de indrukwekkende Sint-Gertrudiskerk (15e eeuw) met een machtige, vrijstaande toren. De route bracht ons naar de kerk, waar we onze fietsen voor de deur konden laten staan. Terwijl wij de kerk fotografeerden, bestudeerde Fritz een plaquette. Hij sprak een heer aan die op het punt stond de kerkdeur te openen: Jan Bremer, koster van de kerk. Hij nam ons mee op een rondleiding.

De St.-Gertrudis Kerk, waarvan de bouw begon in 1480, is een gotische kruiskerk met een belangrijk koor, het grootste en oudste van Friesland. De kerk heeft een vrijstaande, massieve klokkentoren, die is versierd met een torenlantaarn en klokkenspel. En de sacristie, is een echte Friese bezienswaardigheid. Ook de draagbaren waarop doodskisten werden vervoerd zijn bijzonder; de oudste dateert uit de 17e eeuw en bevat bijzondere schilderingen. Twaalf van deze draagbaren zijn bewaard gebleven, en werden hier allemaal geplaatst.

Antje stond nog al die tijd voor onze tweewielers om ze te bewaken. We hadden haar niet verteld dat we langer in de kerk zouden blijven. Sorry Antje! We verlieten de stad niet zonder foto’s te nemen van het stadhuis en andere interessante huizen. We reden door het platteland tot we de dijk bereikten die ons naar Hindeloopen leidde.

Hindeloopen, een tip van onze kapitein, heeft slechts een klein aantal inwoners en biedt nog veel interessants. Zo is hier bijvoorbeeld het eerste Friese schaatsmuseum gevestigd. In een ander museum kun je de wereldberoemde Hindelooper-schilderijen en -kostuums zien. De tijd die we hiervoor zouden hebben, was veel te kort en dus besloten we alleen het café in de oude haven te bezoeken en te genieten van de zon, met een stuk appeltaart, kersentaart en wafel met kersen en ijs.

Na 10 km bereikten we Stavoren, waar het schip om 15.00 uur vertrok om terug naar Enkhuizen te varen. Hier arriveerden we rond 20.00 uur. Voor het diner serveerde Raoul ons een rijstschotel en een yoghurtdessert met granen, wat ons niet zo beviel. Daarna hield kapitein Matthijs zijn afscheidspraatje van deze Sail & Bike Waddenzee-reis en wenste iedereen een goede reis naar huis. Het volgende zonsondergangsshot van Günther was opnieuw briljant! We gingen naar onze hutten en pakten onze tassen in. Daarna ontmoetten we elkaar weer voor een afscheidsdrankje.

Leafde fan Fryslan

Zaterdag– zonnig en 22 graden

Om 8.00 uur gingen we ontbijten. Bij onze plekken vonden we yoghurt en muesli, maar geen van ons twee houdt hiervan. We aten liever een boterham met kaas en vleeswaren! Schipper Matthijs had ons verzocht onze bedden af te halen om de bemanning te helpen, omdat alles moest worden gewassen. We namen afscheid van iedereen en stapten op onze fietsen, die Günther al had gepakt.

Antje en Fritz hadden hun bagage en fietsen al in en op de auto en vertrokken ook naar huis. Om 9.09 uur stapten we op de trein richting Utrecht. We hadden weer een coupé voor ons alleen. In Utrecht hadden we 14 minuten de tijd om over te stappen op de trein naar Venlo. Deze keer moesten we de coupé delen met een vrouw die twee heel grote koffers bij zich had. In Eindhoven werd het levendig. Hier stapte een dame in met een middelgrote bruine hond, die blijkbaar niet tegen het piepende geluid van de trein kon. Hij blafte in alle toonhoogten, waarbij zij haar hond wilde kalmeren door steeds weer “nee” te schreeuwen. Dit ‘theater’ eindigde in Eindhoven, met een verontschuldiging van de vrouw en toen zij beiden de trein hadden verlaten.

Eén stop voor onze bestemming in Venlo, stopte de trein bij Blerick. Opeens merkten we dat we teruggingen naar Utrecht. Wij hadden de Nederlandse aankondiging dat Blerick het eindpunt was niet begrepen of gehoord. Gelukkig konden we op het volgende station, in Horst-Sevenum, uitstappen om een half uur later de volgende trein naar Venlo te nemen. Vanaf hier zaten we nog een half uurtje in de internationale trein naar Viersen.

Nu hadden we de pech dat de lift op het platform kapot was. Voordat we naar beneden konden gaan met onze bagage en de fietsen, vroegen twee jonge mannen of ze ons konden helpen. Na ons enthousiaste “ja, alstublieft” tilden ze onze zware e-bikes met redelijk gemak de trap af. We bedankten ze hartelijk en reden in de felle zon naar de brug. Zo’n vijf kilometer voor ons huis nodigde ik Günther uit voor een verlate verjaardags-appelstrudel met koffie en uiteindelijk bereikten we om 16.00 uur ons home sweet home.

Deze ‘iets andere cruise’ was gewoon geweldig en zal voor ons vieren onvergetelijk blijven!

Prijsopgave aanvragen

  • Graag zo specifiek mogelijk aangeven. Indien u dit nog niet exact weet, dan graag maand/ periode aangeven.
  • Heeft u nog speciale wensen, opmerkingen of andere aanvullingen?
  • Hoe kunnen wij u bereiken?